Begaafdheidsprofielschool Van der Waalslaan | Over het stimuleren van talent bij élke leerling

De Van der Waalslaan is een grote school met een kleinschalig karakter. Ruim 1600 leerlingen en dan nog alle leerlingen in beeld hebben en ieders talent stimuleren? Het kan. Schoolleider Harald Huijssoon: ‘Zoiets gaat stap voor stap natuurlijk. En we blijven in ontwikkeling. Maar als je duidelijk bent over verwachtingen, wensen en de stip op de horizon, dan ontstaat een team waarin alle neuzen dezelfde kant op staan, en dán gaat het lopen.’
Dat staat als een huis
De school telt 1630 leerlingen van allerlei pluimage. Van kinderen van advocaten en medisch specialisten die in materieel opzicht niks tekort komen tot en met kinderen die opgroeien in sociale armoede. Ze krijgen onderwijs van 100 leerkrachten op mavo-, havo-, vwo-, vwo-plus- of gymnasium-niveau en kunnen kiezen uit één of enkele extra vakken. En dan loopt er nog eens 20 man personeel ondersteuning rond om het een en ander in goede banen te leiden. ‘Met zo’n omvang is het essentieel dat de organisatie op orde is’, verklaart Harald. ‘We ontwikkelen onszelf actief van authentiek verbindend leiderschap naar gespreid leiderschap. En verder richt ik mijn pijlen op het stimuleren van eigenaarschap, zowel bij de docenten als bij de leerlingen. We zijn op de goede weg.’
Bepaal je eigen koers
Passend onderwijs neemt op de Van der Waalslaan diverse vormen aan. Er is onder meer aandacht voor faalangst/examenvrees, er zijn aparte klassen voor hoogintelligente leerlingen, er is loopbaanoriëntatie en keuzebegeleiding en sociale vaardigheidstraining. Harald: ‘Docenten maken zich sterk om een veilige omgeving te creëren en kinderen zo lang mogelijk in de klas te houden. Tegelijkertijd vinden we dat het op school ook gewoon leuk mag zijn. Ook dat is passend onderwijs. Daarom is ons motto voor leerlingen én voor docenten: Ruimte om je eigen koers te bepalen en onze missie: Geef aandacht, groei naar wie je bent en geniet van de expeditie. Daarnaast zijn er coaches die samen met het docententeam het pedagogisch klimaat in de klas versterken. Met een achtergrond in het speciaal onderwijs hebben zij zowel kennis van als ervaring met leerlingen met bepaald gedrag.’
Begaafdheidsprofielschool
De Van der Waalslaan is aangesloten bij de landelijke organisatie van Begaafdheidsprofielscholen. Elke zoveel jaar is er een visitatie voor verlenging van het BPS-certificaat. Die werd vorig schooljaar verlengd
voor de maximale duur van vier jaar. Ook als school liggen ze dus op de juiste koers. Harald legt uit hoe dat er in de praktijk uitziet: ‘We hebben een orthopedagoog in huis die gespecialiseerd is in hoogbegaafdheid en 30-40% van het personeel heeft een studie gevolgd over dit onderwerp. Zij zijn ook degenen die lesgeven aan deze leerlingen in de vwo-plusklassen. De leerlingen krijgen vier dagen per week gewone lessen; op de woensdag werken ze in projecten, soms samen met bijvoorbeeld het MST of het Rijksmuseum in Enschede. In de bovenbouw verandert die constructie omdat ze dan een vakkenpakket kiezen en niet meer bij elkaar in de klas zitten. Ze kunnen dan onder andere kiezen voor Cambridge Advanced, Chinese Taal en Cultuur of extra lessen aan de universiteit. Verder krijgen de leerlingen een strippenkaart. Daarmee kunnen ze een gewone les inwisselen voor een andere activiteit. Zo stimuleren we het proces van kiezen en prioriteren op weg naar meer eigenaarschap.’
Business School op mavo-niveau
‘Ook op mavo-niveau willen we tegemoetkomen aan talent. Daarom zijn we in leerjaar 1 en 2 begonnen met de Vecon Business School. Leerlingen werken aan praktijkgerelateerde opdrachten, trainen hun vaardigheden en werken daarvoor samen met lokale bedrijven. Nu is dat nog 2 uur per week, maar we willen toe naar dezelfde formule als bij de vwo-plusklas: per week vier gewone lesdagen en één dag Business School. Daarnaast onderzoeken we nu hoe we de strippenkaart verder kunnen uitrollen in de rest van de school. Want we hebben gezien dat leerlingen daarvan gaan opbloeien.’
Doen: een leerlingencentrum in school
‘Dat opbloeien is heel belangrijk voor succes in de klas. Tijdens mijn eerste jaar op deze school zag ik regelmatig leerlingen geëmotioneerd door de gang lopen. Verdrietig, boos, wegkijkend. Ze liepen ergens mee rond, hadden een vraag of wilden wat kwijt. Daarom hebben we op school een leerlingencentrum inclusief een begeleide werkplek gerealiseerd. Daar zitten bij de balie twee pedagogisch medewerkers, elke dag, de hele dag. Hier kunnen leerlingen altijd binnenlopen met wat voor vraag ook. Hebben ze een lekke band, dan krijgen ze een doorverwijzing naar de conciërge; is er een heftige situatie thuis, dan verwijzen we ze door naar de mentor of naar de begeleide werkplek waar twee specialisten zitten. De in totaal vier medewerkers kennen élke leerling. Zij zijn het opvangnet, weten wat er speelt en wat te doen. Zo’n plek zou er op elke school moeten zijn, zeker als je school wat groter is. Bij ons maken de leerlingen er dankbaar gebruik van.’
Geef, groei en geniet
‘Waar het onder aan de streep uiteindelijk om draait, is dat ieder kind recht gedaan wordt. Gedrag komt ergens vandaan. Achterhaal wat de leerling die voor je staat nodig heeft om zich te ontwikkelen en probeer daarop aan te sluiten. Pas dan, vanuit een goede verbinding met de leerling, volgt de stap naar het onderwijs, naar het vak. Wij, als docent, zijn een belangrijk middel in hun ontwikkeling. Dat moeten we goed benutten. En zo komen we weer terug bij de missie van onze school: Geef aandacht, groei naar wie je bent en geniet van de expeditie. Ik geloof daar echt in.’