Nieuwe koers commissies 10-14

In de samenwerkingsverbanden Twente Oost PO en VO 2302 functioneerden drie commissies 10-14. De commissies hadden één doel: voor leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften de overstap van het primair naar het voortgezet onderwijs vergemakkelijken. In september 2020 werd het professionaliseren van de drie commissies in gang gezet. Nu, aan het eind van het schooljaar 2021-2022, is dat vinkje al lang en breed gezet. Inmiddels is bovendien besloten van koers te veranderen. Het zwaartepunt van de begeleiding komt (weer) bij de scholen te liggen. We vragen Maaike Klinkenberg de coördinerend gedragswetenschapper die in september voor de professionaliseringsslag werd aangetrokken, naar het wat, wanneer, hoe en waarom.
Allereerst: waar komt die koerswijziging vandaan?
Maaike: ‘De taak van de commissies 10-14 is nog steeds urgent. Er is niemand die twijfelt over de noodzaak van een doorlopende ontwikkeling en goed begeleide overstap van PO naar VO. Waar we het afgelopen schooljaar wél flink over hebben nagedacht is de vorm waarin we die taak moeten gieten. Onze gezamenlijke conclusie: de inhoud van de commissies 10-14 was mooi, maar zoals het was vormgegeven minder handig. Het is veel logischer als scholen de begeleiding rondom de PO-VO-overstap zelf oppakken vanuit hun basisondersteuning. Daarmee komen de commissies 10-14 te vervallen.’
Hoe ziet dat er in de praktijk uit?
‘De commissies maakten gebruik van een drieperspectievenmeting. De verantwoordelijkheid voor die meting komt nu bij de PO-scholen te liggen. Zij hebben de meeste kennis over de leerling so far en hoeven voortaan niet eerst een leerling hiervoor aan te melden bij de commissie 10-14. Door de drieperspectievenmeting te integreren in de basisondersteuning creëer je als school bovendien een bepaalde standaard van je kwaliteitszorg.
Kom je er vervolgens met de verwijzing naar het VO niet helemaal uit, dan konden scholen tot dusver informatie en advies ophalen bij de commissies. Ter vervanging van deze taak zijn vier VO-functionarissen aangesteld: Joyce Zuiderent, Janine Meijer, Laura Visschedijk en Marieke Vrijland. Zij kunnen een realistisch beeld schetsen van de verschillende VO-scholen en goed meedenken met leerling, ouders en de PO-school over de best passende vervolgplek. Soms is een telefonisch overleg voldoende, soms sluiten ze fysiek aan bij gesprek met leerling en ouders. De functionarissen vertegenwoordigen het VO in de breedte, namelijk: PrO, het VSO en het reguliere VO in de regio 2302. Het inschakelen van een functionaris verloopt via Kindkans.’
Is dit een verplichte werkwijze?
‘Nee, dat is het niet. Maar ik zou wel graag een professionele standaard zien waarbinnen mensen vrij zijn om daar op hun eigen manier handen en voeten aan geven. Je moet je voorstellen dat de overstap naar het VO echt impact heeft op een kind. De context maakt of je je redt, of je kunt shinen of niet. Hoe mooi zou het zijn als we in onze regio een eenduidige werkwijze hebben? En daar kan die drieperspectievenmeting voor zorgen. De meting maakt een leerling ook eigenaar van zijn eigen ontwikkelproces: wat heeft voor hem/haar prioriteit en wat wil hij/zij nu gaan ontwikkelen? In de digitale tool zitten handelingsadviezen per vaardigheidsitem verwerkt. Deze verwijzen soms naar werkbladen, zoals een ABC-schema om inzicht in gedrag te krijgen en leerlingen te laten oefenen met ander gedrag. Deze zijn ook beschikbaar voor de scholen. Hiermee willen we leerkrachten/docenten zo maximaal mogelijk ondersteunen bij het vormgeven van het handelingsgericht plan en doelmatig werken.
Kijk, je moet de inspectie sowieso laten zien dat je elk kind in beeld hebt. Doe je dat op een andere manier dan met die drieperspectievenmeting, dan kan dat natuurlijk ook. Deze meting is immers een middel en geen doel op zich.’
En nu?
‘We hopen volgend schooljaar met 20-25 scholen te beginnen die gaan werken met de drieperspectievenmeting in hun basisondersteuning. Dan moet het zich bewijzen. Al werd ik eind mei al door een directeur aangesproken die zei: “Mooi hoor, maar waarom kunnen we niet nu al beginnen?” Dat gebeurt me niet vaak, dat ze sneller willen dan ik! Maar inderdaad: scholen kunnen op elk moment aanhaken. Volgend schooljaar, na de kerstvakantie zal geëvalueerd worden hoe het werken met de VO-functionarissen en de drieperspectievenmeting scholen bevalt en of het helpt bij hun kwaliteitszorg en begeleiding van het PO-VO-overstapproces. We gaan het zien, maar ik geloof hier echt in.’
Wil jouw school met de drieperspectievenmeting aan de slag? Neem dan contact op via het contactformulier op www.povotwente.nl of met Maaike Klinkenberg: m.klinkenberg@vo2302.nl.