De komma achter het nieuwe ondersteuningsplan 2022-2026

Ondersteuningsplan

Zes jaar na het eerste ondersteuningsplan ligt er nu een nieuw plan voor alle scholen van het Samenwerkingsverband Twente Oost. Het samenstellen van dat plan was een intensief traject, maar het resultaat mag er zijn, vindt directeur-bestuurder Roel Haverkort. ‘Maar dit betekent niet dat het nu met een strik erom in een la wordt geschoven. We moeten het nu handen en voeten geven, dus in plaats van een punt, zetten we er een komma achter.’

In principe heeft een ondersteuningsplan een geldigheid van vier jaar. Maar vanwege de komst van een nieuwe directeur-bestuurder, werd die termijn met twee jaar verlengd. Roel: ‘Dit ondersteuningsplan is dan ook echt een stap voorwaarts: ambities zijn helderder beschreven en het wordt veel meer gedragen vanuit de hele sector. Dat begint met de schoolbestuurders, maar ook nadrukkelijk met iedereen die te maken heeft met Passend Onderwijs in deze regio. We hebben sessies gehouden met docenten, schoolleiders en bestuurders. Met de mensen van het ACTL, de Ondersteuningsplan Raad, maar ook met de gemeente.’

De kern: passend onderwijs wordt de norm

‘Ik las een artikel in de Volkskrant van een zij-instromer die na 2 weken lesgeven was gestopt. In haar klas van 28 leerlingen had de helft een verhaal, daar kon ze niet mee omgaan, was daar ook niet in geschoold. Nou gaat dit ondersteuningsplan de onderwijspraktijk en het handelingsperspectief van docenten niet ineens drastisch veranderen. Maar passend onderwijs wordt wél de norm en niet alleen maar voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte. Dat vraagt wat van de manier waarop het onderwijs op scholen is ingericht qua ondersteuningsstructuur en voorzieningen waarop een leerkracht kan terugvallen. Het ondersteuningsplan neemt de scholen mee in die ontwikkeling.’

Faciliterende rol

‘De overheid is erg ambitieus over passend onderwijs: in 2035 moet ieder kind in het reguliere onderwijs zitten, hoge uitzonderingen daargelaten. Wat mij betreft is dat een te hoge ambitie, maar de komende jaren zullen wel steeds meer leerlingen op het speciaal onderwijs doorstromen naar regulier onderwijs.  De scholen geven daarbij zelf vorm en inhoud aan passend onderwijs, wij als Samenwerkingsverband faciliteren dat dit in onze regio in samenhang gebeurt, dat er een dekkend aanbod is en dat we leren van elkaar. Dat is onze verantwoordelijkheid.’

The proof of the pudding is in the eating

‘Wat dat betreft is het ondersteuningsplan maar een beleidsplan. Het moet nu wel gaan gebeuren. Zoals de Engelsen zo mooi zeggen: the proof of the pudding is in the eating. Kunnen we van dit papieren verhaal ook echt een lekkere taart maken? De bestuurders hebben al aangegeven dat ze graag om tafel willen om het over de uitvoering te hebben. Daarom komen we begin volgend schooljaar met bestuurders en schoolleiders bijeen om van het beleidsplan een uitvoeringsplan te maken en te bepalen wie waarvoor aan de lat staat. Ook gaan we meer thematische studiedagen organiseren voor de professionals in de scholen. Leren van en met elkaar, dat wordt de rode draad voor de komende vier jaar.’

Werken vanuit een diepe overtuiging

‘Ik heb geen enkele twijfel dat dit gaat lukken. Wat mij het meest is opgevallen en heeft geraakt bij de totstandkoming van het nieuwe ondersteuningsplan is de enorme gedrevenheid om met elkaar te zorgen voor goed onderwijs. Onderwijs is een lastig vak; het is continu in ontwikkeling en sommigen worden daar ontwikkelmoe van. Tegelijkertijd is daar altijd dat gezamenlijke besef, de wil en de drive om klaar te staan voor juist die kinderen die het zelf even niet redden, die net even wat meer aandacht nodig hebben, zodat ook zij hun plekje in de samenleving kunnen krijgen. Ik merkte van links tot rechts de diepe overtuiging: dit is wat we willen en wat nodig is. Dat is het mooiste. We hebben echt een gezamenlijke ambitie.’