Kindermishandeling: van onderbuikgevoel naar (meer) zekerheid

Te veel blauwe plekken, een timide houding of zonder eten naar school gaan. Kindermishandeling is er in vele vormen, fysiek, mentaal, intentioneel en soms ook omdat er nou eenmaal nauwelijks iets te eten in huis is. Als school heb je daarin een belangrijke signaalfunctie. Op het Twentse Carmel College zijn ze daarom gestart met een scholing rondom de Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling. Die scholing gaat over de weg die je moet bewandelen als je vermoedt dat er iets niet in de haak is en gaat ook over signalering, schoolbreed, van de conciërges tot en met de locatiedirecteuren. Julisca Prins, adjunct-directeur van het Twents Carmel College, locatie Potskampstraat vertelt er graag meer over.
De training
Julisca: ‘De scholing bestaat uit een drie uur durende online training bij trainingsinstituut AUGEO. Onderwerpen en vragen die voorbijkomen in de training zijn: wanneer meld je nou, hoe meld je en breng je eerst ouders op de hoogte of niet? Vorig schooljaar zijn eerst de aandachtsfunctionarissen geschoold. Dit zijn de ondersteuningscoördinatoren; zij weten namelijk precies bij wie ze moeten zijn als er wat aan de hand is. Maar het is te gemakkelijk om dan te zeggen: dit is voortaan jullie taak. Ik vind dat iedereen moet weten hoe het werkt, hoe je signaleert. Daarom hebben nu ook de andere medewerkers een code gekregen om zich aan te melden bij het trainingsinstituut. Ze hebben dan twee weken de tijd om de training te volgen en omdat de training volledig online is, kan dat op elk moment van de dag. Volgend jaar volgt dan nog een opfriscursus.’
Handige tools en een afwegingskader
Marieke Hendriksen is de aandachtsfunctionaris van de locatie Potkampstraat. ‘De training geeft je handige tools, zoals lijsten voor signalering, en een afwegingskader. Waar je vroeger op je onderbuikgevoel voer en daardoor een gesprek met ouders nog weleens uitstelde, heb je nu het afwegingskader om dat onderbuikgevoel te bevestigen. Dat maakt het makkelijker om de vervolgstap te zetten.’
De stappen die je doorloopt, zijn de volgende:
- Signalen in kaart brengen.
- Overleggen met een (deskundige) collega of eventueel (anoniem) met Veilig Thuis.
- Gesprek met ouders/verzorgers/kind.
- Wegen: 5 vragen bij een vermoeden van huiselijk geweld of mishandeling.
- Beslissen: (I) melden bij Veilig Thuis en (II) hulpverlenen vanuit Veilig Thuis?
Marieke: ‘De samenwerking met de GGD is ook anders. Voorheen besprak je met de GGD de situatie en nam de GGD contact op met thuis. Prettig, want wij moeten na dat gesprek ook weer verder met de ouders en zo bleven we als school neutraal. Tegelijkertijd is dat ook minder transparant dan je zou willen. We hebben nu nog steeds contact met de GGD, maar we voeren nu eerder zelf het gesprek. Daarbij is het heel belangrijk om duidelijk te maken dat school niet bepaalt of een kind uit huis wordt geplaatst of niet. De angst daarvoor is bij ouders heel groot. Ons doel, en die van de Meldcode, is het verbeteren van de thuissituatie zodat een kind veilig thuis kan blijven wonen. Soms zitten ouders met de handen in het haar; vaak is er schaamte voor de situatie. En nee, wij zijn geen hulpverlener, maar we signaleren wel dat het met een kind niet goed gaat; zetten door het gesprek te voeren en te melden de ondersteuning in gang die nodig is om een kind weer een veilig thuis te geven. En tijdens die ondersteuning, houden wij natuurlijk gewoon het kind in de gaten, zoals altijd.’