Schoolhonden: goed voor álle leerlingen

Schoolhond Indy

Indy heet hij. Hij is elf jaar, blond en doorliep het Bonhoeffer College al meerdere keren. Ook bij het Expertisecentrum van het Bonhoeffer was-ie kind aan huis. Indy is de Australische labradoodle van Julisca Prins. Als pup kwam hij in huize Prins vanwege zoon Bram die vanwege diverse aan autisme gerelateerde problematieken sociaal gezien maar moeilijk meekwam. Al snel mocht Indy ook met Julisca mee naar school. Daar bleek de schoolhond een positief effect te hebben op álle leerlingen.

Vertel eens iets over Bram?

Julisca: ‘Bram heeft onder andere McDD. Dat is een angststoornis binnen het autismespectrum. Die angsten baarden ons als ouders veel zorgen. Hij was bang voor alles wat onvoorspelbaar was zoals honden en vogels en raakte steeds meer in een isolement. Na behandeling bij een angstbehandelcentrum kwamen we terecht bij stichting SAAC (nu: Hulp voor Autisme). Toen ik zag wat zij deden met honden en wat dat met onze Bram deed, was ik verkocht. Niet veel later kwam Indy bij ons in huis. Bram leerde – met de hulp van SAAC – niet alleen ‘hondentaal’, maar ook kwam hij steviger in zijn schoenen te staan: in duidelijke bewoordingen en met een duidelijke stem praten en een krachtige lichaamshouding aannemen. Dat werd ook vertaald naar zijn contact met anderen. Met de hond kon Bram de hele wereld aan.’

Hoe werd Indy een schoolhond?

‘Wij hebben met Indy bij stichting SAAC een training gevolgd tot autismebegeleidingshond en we dachten: hoe mooi zou het zijn als hij voor andere kinderen ook wat kon betekenen? Ik legde het mijn directeur uit en die ging akkoord met een pilotperiode. Mijn eerste leerling was een meisje dat hele einden omfietste als ze een hond zag. Ook zij was bang voor het onvoorspelbare. Onder begeleiding overwon ze haar (honden)angst en ze komt nog iedere week langs voor Indy als ze rustig wil worden. Zo nam ze Indy ook ter ondersteuning mee naar haar diploma-uitreiking die ze erg spannend vond. Maar Indy is er niet alleen om kinderen van hun angst af te helpen. Bij Johan die steeds maar door de klas liep, liet ik Indy naast zijn tafel zitten. Ik zei dan: “Johan, jij moet opletten dat Indy op z’n plek blijft.” Stond Johan dan toch weer naast mijn bureau dan hoefde ik alleen maar te zeggen: “Hé, Indy is van z’n plek! Breng hem maar snel weer terug.” Zo corrigeer je gedrag op een positieve manier. En kinderen die moeite hebben met lezen, kregen Indy als voorleeshond. De hond ging dan lekker languit liggen, waarna de kinderen hem gingen voorlezen, zonder onderbroken te worden. Ondertussen kroelden ze een beetje met de hond en zo keerde het leesplezier terug en ging het leesniveau omhoog. Dat is echt supergaaf om te zien.’

 

Wat zijn de valkuilen?

‘Wanneer je besluit een schoolhond te nemen, dan moet er iemand zijn die de begeleiding op zich neemt. Een hond op school is tijdrovend, dus je moet het wel echt willen. Op het Bonhoeffer kregen alle collega’s en kinderen een Indy-les. Regels waren: niet zomaar roepen, niet zomaar aaien als hij een werkjas aanheeft (want dan is hij aan het werk) en geen stukjes van je brood geven. Verder moet je regels maken zodat het veilig is. Dat betekent: leren wat honden willen zeggen met hun gedrag én wat jouw gedrag betekent in hondentaal. Ook liep Indy toen hij klein was altijd aangelijnd door de school en liet ik kinderen nooit alleen bij hem.
Tot slot moet een schoolhond van nature al aan verschillende eisen voldoen. Je hebt een hond nodig die er lief uitziet en een vriendelijk karakter heeft, die niet te groot is en die de will to please heeft. Beter neem je ook geen hond waar kinderen allergisch voor kunnen zijn. Een leonberger bijvoorbeeld is weliswaar lief en aanpasbaar, maar verhaart als een malle én is bijna net zo groot als een kleuter. Dat is niet handig. Wel geschikt zijn: labradoodles, poedels en hypoallergene honden als de barbet.’

En.. hoe is het nu met Bram?

‘Bram woont zelfstandig in Den Haag. Hij is inmiddels 21 jaar en loopt daar stage. De hond heeft daar een grote bijdrage aan geleverd. En als Bram thuiskomt, is Indy nog steeds de eerste die hij knuffelt en de laatste als hij weer weggaat.’